In opspraak: leren van integriteitskwesties

Wat kunnen wij leren van integriteitskwesties in het Nederlandse openbaar bestuur en de publieke sector in de periode 1945 tot aan nu?

Die vraag staat centraal in het boek ‘In opspraak. Leren van integriteitskwesties’ van Patrick Overeem (Vrije Universiteit Amsterdam) en Toon Kerkhoff (Universiteit Leiden). Totstandgekomen in een langer lopend samenwerkingsproject van het Centre for Public Values & Ethics (CPVE), de Ien Dales Leerstoel en de Albeda Leerstoel CAOP.

Belangrijkste stelling en bevinding uit de studie: wat als integer geldt is aan verandering onderhevig. Integriteit is een bewegend doel. Uit de casusbeschrijvingen wordt duidelijk dat integriteit als een ‘omgevingsafhankelijk en niet-vaststaand fenomeen’ moet worden opgevat. Gedrag dat ooit integer werd bevonden, wordt later heel anders beoordeeld. Zo was het aannemen van een gift voor verrichte diensten of het geven van een publieke functie aan een familielid of vriend lange tijd heel normaal. Terwijl privézaken die voorheen schandalig waren, zoals echtscheiding, dat nu niet meer zijn.

In het onderzoek wordt integriteit gedefinieerd als handelen overeenkomstig de (daarvoor) geldende morele waarden en normen en de daarmee samenhangende (spel)regels.

Grijs gebied

Toon Kerkhoff zei bij de presentatie dat voor dit onderzoek vooral is gekeken naar schandalen waarin de norm nog bevestigd moet worden. Ze zitten vaak in het zogeheten ‘grijze gebied’ en er is ophef over. Alle casussen, variërend van de loodsenaffaire uit de jaren ’60 tot en met de vakantievilla van Gerd Leers, zijn opgebouwd uit publiek materiaal. De kracht zit in het feit dat de verhalen bij elkaar zijn gebracht. Daarmee worden casussen op zichzelf ook historisch bronnenmateriaal.

Interessant voor later om dan nog eens te kijken hoe er met de ‘Kwestie-Leers’ is omgegaan en wat de ideeën waren over wat goed en minder goed is. In de wetenschap dat er morgen weer een nieuw schandaal is en dat er weer een zoektocht begint naar normen die zich ontwikkelen of die bevestigd worden.

Vaardigheid

De makers hebben in deze studie niet voor rechter willen spelen. Het is ook geen integriteitsmanagementsboek geworden. Wat niet wegneemt dat je van de casussen en verhalen belangrijke dingen kunt leren. Maar dat is, aldus Patrick Overeem, meer een kwestie van ‘leren zoals je een bepaalde vaardigheid leert. Hoe ga je om met bepaalde kwesties?’

Aan het eind van het boek komen ze met vier aanbevelingen:

  • Wees je als bestuurder bewust van ‘maatschappelijke klimaatverandering’
  • Reageer met voorzichtigheid en onderscheidingsvermogen
  • Pas op met het stellen van steeds nieuwe normen
  • Integriteitslessen moeten onderwerp zijn van democratisch debat

Dit rijtje nalopend constateert Overeem dat sommige bestuurders de antenne ontberen om gevoel te hebben bij de maatschappelijke onderstroom. Daarnaast roept hij op om voorzichtig te zijn met oordelen: ‘Wees kalm, kijk eerst rustig wat er aan de hand is. Er is ook heel veel instrumentele boosheid: verontwaardiging om mensen ten val te brengen of zo.’ Verder klinkt een waarschuwing tegen de bijna automatische regelreflex om bij schending normen te stellen: ‘Elke nieuwe norm zorgt voor nieuwe schendingen.’ En tenslotte is het onwenselijk om integriteit, en wat geldt als integer, alleen aan de experts of de ‘jachthonden van de media’ over te laten.

Bestuurlijk én ambtelijk

Het onderzoek, dat overigens wordt voortgezet om een nuttige database te krijgen, richt zich op zowel bestuurlijk functioneren als ambtelijke integriteit. Al zijn daar volgens beide wetenschappers wel verschillende niveaus met verschillende dynamiek en verschillende media-aandacht in te ontdekken. De ‘bestuurderskant’ levert onmiskenbaar de meeste schandalen op.

Publiek en privaat

Bij alle integriteitskwesties is spanning tussen publiek en privaat in het geding. Waar de grens ligt heeft met onze waarden te maken. Met ruimte voor een privéleven en persoonlijke vrijheid, maar ook met de behoefte aan rechtvaardigheid in het publieke domein. Dat waardendiscours zit áchter het debat.

Tekst: Klaas Salverda 

Integriteit in opspraak.jpg

Typen integriteitsschendingen
1. Corruptie: omkoping
2. Corruptie: bevoordeling van vrienden, familie, partij
3. Fraude en diefstal
4. Dubieuze giften en beloften
5. Onverenigbare nevenfuncties, activiteiten en/of contacten
6. Misbruik van bevoegdheden
7. Misbruik en manipulatie van (de toegang tot) informatie
8. Discriminatie, intimidatie en onfatsoenlijke omgangsvormen
9. Verspilling en wanprestatie
10 Wangedrag in de vrije tijd

Deze indeling, afkomstig van Leo Huberts, gaat van ‘harde’ naar ‘zachtere’ schendingen. Dat zegt overigens niets over de vraag welke gedraging meer of minder afkeurenswaardig is.

In opspraak: leren van integriteitskwesties. Onder leiding van Toon Kerkhoff en Patrick Overeem. Publicatiereeks Overheid & Arbeid. CAOP, Den Haag.

Geplaatst op donderdag 12 juli 2018 in het dossier Integriteit

Deel dit artikel

Ga naar...